Motie van wantrouwen helpt de cultuur niet verder
De motie van wantrouwen tegen Frans Hamerslag, wethouder Cultuur, wekt de indruk dat het cultuurbeleid in Schiedam fundamenteel is ontspoord. Die suggestie doet geen recht aan de feiten, noch aan het proces waarin de raad zelf een duidelijke rol heeft gespeeld.
Raad heeft ingestemd met het uitvoeringsprogramma
Nog geen jaar geleden stelde de gemeenteraad het Uitvoeringsprogramma Cultuur vast. Daarmee zijn gezamenlijk keuzes gemaakt over prioriteiten, werkwijze en financiële kaders. Dat programma vormt het uitgangspunt voor het huidige subsidieproces. Het is dus niet zo dat de wethouder buiten de raad om eigenstandig beleid voert; hij voert beleid uit dat door de raad is vastgesteld.
Cultuur buiten bezuinigingen gehouden
Daarbij komt dat Schiedam, net als veel andere gemeenten, in 2026 te maken krijgt met bezuinigingen. In die context is het allesbehalve vanzelfsprekend dat de culturele sector grotendeels is ontzien. Juist door inzet van de wethouder is het gelukt om nauwelijks te snijden in cultuursubsidies. Dat is een politieke keuze geweest, waarvoor in de raad ook breed steun bestond.
Extra budget toegezegd
Toen duidelijk werd dat de nieuwe subsidieregeling bij sommige instellingen tot zorgen leidde, heeft de wethouder bovendien extra verantwoordelijkheid genomen. Hij heeft toegezegd €150.000 extra budget beschikbaar te stellen, voor het geval culturele instellingen aantoonbaar in financiële problemen komen. Daarbij is wel een logische voorwaarde gesteld: het moet gaan om instellingen waarvan de aanvraag, los van dit aanvullende budget, in principe voor subsidie in aanmerking zou komen. Dat voorkomt willekeur en beschermt de zorgvuldigheid van het systeem.
Ruimte voor bezwaar
Belangrijker nog: dit proces is nog niet afgerond. Instellingen hebben nog ruimte om hun situatie toe te lichten en bezwaar te maken. Dat is precies hoe een zorgvuldig bestuursproces hoort te verlopen. Onrust of onzekerheid in zo’n fase is vervelend, maar geen reden om meteen het zwaarste politieke middel in te zetten.
Onbehoorlijk bestuur?
Een motie van wantrouwen is bedoeld voor situaties waarin sprake is van aantoonbaar onbehoorlijk bestuur, structureel falen of het bewust verkeerd informeren van de raad. Dat is hier niet aan de orde. Het inzetten van dit instrument terwijl procedures nog lopen en correctiemogelijkheden bestaan, helpt culturele instellingen niet verder en vergroot vooral de politieke polarisatie.
Populisme
Het is moeilijk te ontkennen dat deze motie vooral het karakter heeft van verkiezingsretoriek. Stoere woorden en zware middelen trekken aandacht, maar lossen geen problemen op. De culturele sector is niet gebaat bij politieke escalatie, maar bij rust, duidelijkheid en een zorgvuldig afgerond proces.
Wie cultuur serieus neemt, bewaakt niet alleen het budget, maar ook het bestuurlijke fatsoen. Kritiek mag, debat moet, maar een motie van wantrouwen op dit moment is niet proportioneel en niet in het belang van Schiedam of haar culturele instellingen.